Texas wildlife – part 1

Vandaag ga ik het hebben over insecten en ander “wildlife” in Texas. We hebben hier al het één en ander gezien en zolang het geen spinnen zijn en het er niet te akelig uitziet, vind ik het allemaal heel interessant… Hieronder volgt een opsomming van onze al dan niet “close encounters”:

Schorpioenen: we hebben er al verschillende gevonden, zowel in als om het huis: 2 in het zwembad (verdronken), 1 in de garage, 1 aan de achterdeur onder een bloempot en een mini mini mini schorpioentje op onze tuintafel. Dat laatste beestje was maar zo groot als het voorste stuk van een stylo (zie foto) en vond ik oh, zo lief! Ik had het nog in het gras gezet! De andere waren iets groter, ongeveer een 3-tal cm. Die vond ik iets minder lief :-). Vorige week had Hanne er nog eentje in de badkamer zien liggen. Gelukkig was hij dood… Tine is enkele weken geleden gestoken door een in haar teen. Ze liep op haar blote voeten op het terras en had hem niet zien zitten. Tja, als wij zeggen dat ze slippers moet aandoen, overdrijven we altijd en “zagen” we. Pas op, ze heeft haar les nog steeds niet geleerd, hoor: ze loopt nog steeds blootvoets rond. Het deed gelukkig niet zoveel pijn, ze had slechts enkele dagen last van een tinteling in haar teen. Het mooie aan schorpioenen is dat de mama haar jongen op haar rug meedraagt. Het zijn uiterst nuttige dieren. Ze eten o.a. spinnen, duizendpoten, wormen en andere schorpioenen. Een link naar hun gewoontes en habitat vind je hier.

Kakkerlakken: gelukkig hebben we deze vies uitziende beesten nog maar 1 x gezien ttz, Philippe heeft hem gezien. Dit is ondertussen iets meer dan een jaar geleden, toen we juist in het appartement introkken en ik nog niet gekuist had. Ik weet niet wat hij ermee gedaan heeft en wil het eerlijk gezegd ook niet weten. Er zijn 4690 verschillende soorten kakkerlakken, waarvan er ongeveer 20 als plaag worden beschouwd. Hun grootte varieert van minder dan 1 cm tot ongeveer 8 cm. Iedereen weet dat ze moeilijk te bestrijden zijn omdat ze resistent zijn tegen allerhande bestrijdingsmiddelen. Er bestaat echter een zeer efficiënte, niet giftige manier om ze te vangen, de zogenaamde “Vegas roach trap”. Deze bestaat eenvoudigweg uit een glazen pot met nauwere opening (bijvoorbeeld een groentepot), gedeeltelijk gevuld met koffiedik (en eventueel water). De buitenkant van de pot kan desnoods worden bedekt met ruw plakband, zodat de kakkerlakken makkelijker naar binnen kunnen klimmen. De “Vegas roach trap” is in zoverre insectvriendelijk, dat andere insecten niet aangetrokken worden. Indien je meer wilt weten over deze diertjes, kan je hier terecht.

Krekels: er zitten hier heel veel krekels die heel luid kunnen “zingen”. Er bestaan zo’n 900 soorten. Ze worden dikwijls aanzien als sprinkhaan omdat ze er hard op lijken, ook springen ze op een gelijkaardige manier. Voor de mens zijn ze niet schadelijk. Het zijn over het algemeen de mannetjes die “zingen”. Het geluid wordt uitgestoten door een ader onder de vleugels. Op die ader zitten precies tandjes (zoals een kam). Het geluid wordt geproduceerd door het bovenste deel van de ene vleugel over de tandjes onderaan de andere vleugel te wrijven. De vleugels worden open gehouden zodat het membraan als akoestisch deel fungeert. Het is een mythe dat een krekel het geluid maakt door met zijn achterpootjes tegen elkaar te wrijven. Het grappige is dat hoe hoger de omgevingstemperatuur is, hoe luider de krekel zingt. Een accurate beschrijving over hoe dat komt en meer leuke weetjes vind je hier.

Slangen: in het zwembad hebben we al geregeld slangen gevonden. Ze lijken eigenlijk een beetje op regenwormen als je het mij vraagt. Het zijn dunne, lange slierten die wat krioelen aan het wateroppervlak. Eénmaal hebben we een slang in de unit van de airconditioner gevonden. Buiten, aan de zijkant van ons huis, ter hoogte van Philippe’s bureau staat die unit. Hij hoorde een kloppend geluid en wist niet goed wat het was. Toen we gingen kijken zagen we bloedspatten en restjes huid op het omhulsel van de unit. Einde slang… ik vond het best wel zielig. Ook in de goot, voor ons huis, hebben de kinderen eens eentje ontdekt, maar die was op sterven na dood. Hij had te lang in de zon gelegen en was uitgedroogd…

Salamanders, hagedissen en gekko’s: deze mooie groene beestjes zitten (vooral in het voorjaar) tussen de stof van onze parasol of onder de loungeset op het terras en springen verrast op als we in de buurt komen. Tine kan er heel gefascineerd naar zitten kijken. Het zijn dan ook prachtige wezens!

Coyote: toen we nog in het appartementsgebouw woonden, was er achter het gebouw een groenzone waar we een coyote gezien hadden. Dat was één van de eerste “close encounters” met het Texaanse dierenrijk. We waren toen enorm onder de indruk. Een coyote trekt een beetje op een wolf, maar dan kleiner. Rond de school zijn er ook al gespot. Men geeft de kinderen de raad om met de armen te zwaaien, zich groot te maken en vooral veel lawaai te maken. Gelukkig is de school omheind met een hoge draad zodat ze niet op de speelplaats en dergelijke kunnen. Ik had onlangs nog een reportage gezien over de “coywolf”. Dit is een kruising tussen een wolf en een coyote. Volgens de documentaire zijn die coywolfs helemaal niet meer bang van mensen, in tegendeel zelfs, ze komen het stedelijke gebied veroveren, zoeken een rustig plaatsje om te jongen en deze er groot te brengen want er is toch genoeg voedsel. Meer info over de wolf vind je hier, over de coyote hier en over de coywolf hier.

Armadillo: in Texas leeft de “9 banded armadillo”. Deze heeft 9 banden, is een nachtdier en voedt zich voornamelijk met mieren, termieten en andere kleine ongewervelden. Het kan tot een meter hoog springen als het hevig schrikt waardoor het een gevaar is op de openbare weg. Ikzelf heb er al 2 gezien die doodgereden waren. Niet zo’n fraai zicht… veel bloed… brr. In onze wijk hebben we er al enkele gezien. Meer info over dit zoogdier vind je hier.

Opossums (ook wel possums genaamd): deze buideldieren zijn enorm behendig en slim. Ook zij zijn nachtdieren. Het woord “opposum” zou afkomstig zijn van een uitgestorven taal (het Virginia Algonquian (Powhataans) en zou “wit beest” of “witte hond” betekenen. Ongeveer een jaar geleden hebben we bijna eentje aangereden. Het grappige aan deze dieren is dat, als ze zich bedreigd voelen, ze doen alsof ze dood zijn. Het gaat vanzelf (is te vergelijken met flauw vallen), ze doen er niet om, er zit dan speeksel rond hun bek en ze stoten een verschrikkelijke geur (te vergelijken met rottend vlees) uit. Dit stadium kan tussen de 40 minuten en 4 uur duren. In tegenstelling tot wat wel eens beweerd wordt, hangen volwassen dieren niet met hun staart aan takken onderste boven. Het zijn enkel de kleintjes die dit doen omdat de staart het gewicht van een volwassen dier niet kan dragen. Meer info over deze bijzondere wezens vind je hier.

Voorlopig ga ik het hier bij laten, maar er komt nog een vervolg, want de lijst is nog lang niet af 🙂

Ondertussen kan je genieten van de mooie foto’s.

Veel plezier!

 

 

Leave a comment

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s